Wetenschappelijke naam
Thuja occidentalis
Nederlandse naam
Westerse levensboom
Herkomst | Oosten van Noord-Amerika
Locatie | vak 78 - 79
Aantal in het arboretum | 7
Plantjaar |

Altijd groene boom uit de Cypressenfamilie. Hoogte: 15 m. Stam: 60 cm; vaak in 2 of 3 stammen onderverdeeld. Smalle kroon. Zeer langzame groeier, die echter heel oud kan worden (800 jaar). Werd door indianen en door kolonisten gebruikt bij de behandeling van scheurbuik. De naam Levensboom dankt de boom ook aan deze werking; werd zo genoemd door de Franse ontdekkingsreiziger Cartier in de 16de eeuw. Ook gebruikt voor andere medicinale doeleinden, scheeps- en huizenbouw. Blad: 3-5 mm. Vrucht: kegels; slank; geelgroen/bruin, 10-15 mm met 6-8 overlappende schubben. De takken kunnen wortel schieten.