Wetenschappelijke naam
Salix x sepulcralis ‘Chrysocoma’
Nederlandse naam
Gele treurwilg
Herkomst |
Locatie | vak 44 + berm Rozenburglaan
Aantal in het arboretum | 6
Plantjaar |

Hoogte: tot 20 m. Breed treurende kroonvorm. Bloei: april, geelgroene katjes. Aan de stevige hoofdtakken bevinden zich vele dunne naar beneden hangende twijgjes. Twijgen zijn opvallend geel; vallen vooral in de winter op. Blad: lancetvormig, 4-10 cm, fijngezaagd, spits, bladsteel 1 cm; matgroen en in de herfst geelgroen. Samen met het blad komen ook de katjes tevoorschijn.